Herman Hartman, die sinds jaar en dag lid is van onze WSV heeft het talloze keren gedaan: een rondje Haringvliet Hij neem ons eind september mee op zo’n rondje.
Het weerbericht voor vandaag is misschien niet voor iedereen even uitnodigend met overtrekkende wolkenvelden en een wind die niet boven de drie beaufort uit zal komen. Rondjes Haringvliet vanuit onze haven kunnen er nogal verschillend uitzien: van een rondje Tiengemeten, waarbij het soms bij Den Bommel al op houd, tot aan een complete ronde waarbij alle plaatsen aan het Haringvliet worden aangedaan. Veel hangt af van windsterkte en windrichting.
Mijn rondjes Haringvliet beginnen, wat zeilen aangaat, meestal rond 10.10 uur direct na het passeren van de Haringvlietbrug waar ik naar toe vaar op de motor. Soms kies ik er voor om zo’n rondje in twee dagen af te leggen. Het vaarwater leen zich prima voor een tussenstop in een haven, achter anker, of aan een meerboei, maar vandaag gaan we voor de ééndaagse variant.
Druk wordt het niet bij de brug. Met één andere boot paseer ik de brug. Daarna gaan de zeilen erop. Bij het verlaten van de haven was er nog nauwelijks sprake van wind, maar voorbij de brug gaat dat al beter, vaak is er aan de westkant van de brug net iets meer wind.
Met de wind uit het Noorden kan er zonder laveren door het Vuile Gat gezeild worden en kies ik daarvoor. Ik zie ondertussen in de verte dat er voor Den Bommel wel veel zeiltjes op een kluitje varen op een verder leeg Haringvliet. Daar lijkt een wedstrijd bezig (de Mosselraces). Door nu voor het Vuile Gat te kiezen blijft ik daar weg.
De wind die tussen de vier en zes knopen doet, met af en toe een vlaag van acht knopen, valt redelijk voorlijk in, zonder dat er echt aan de wind gevaren hoeft te worden. Dat zorgt dat de boot met een snelheid van vier tot vijf knopen zijn weg zoekt.
Verhalen in de kroeg gaan vaak over hoe we met veel inspanning en het nodige geweld we onze weg vinden tegen sterke winden en beukende golven in, maar eigenlijk is dit best aangenaam. Bijna geruisloos door het water glijden, rustig met een kop koffie in de hand en tijd genoeg om om je heen te kijken. Hoewel de zon zich af en toe even meldt heeft de bewolking de overhand. Het zorgt in deze tijd van het jaar voor een wat somber licht, maar er nog genoeg te zien in het landschap om mij heen en er is tijd om de camera er bij te halen.
De Zuid Hollandse Delta, waar het Haringvliet deel van uitmaakt, ziet er vanaf het water toch net iets anders uit dan de Zeeuwse Delta. Meer buitendijkse begroeiing en minder massieve dijken waardoor je meer van het achterland meekrijgt. Dankzij het ontbreken van het getij ook gemakkelijker bevaarbaar. De stroom die er nog staat is meestal verwaarloosbaar.
Bij Zuid Beijerland kies ik bewust de bakboordkant van het vaarwater. De bomen daar op de wal houden behoorlijk wat wind tegen en dat vermijd je zo deels. Op de wal vind je daar WSV de Hitsert, een leuke haven voor wie niet teveel diepgang heeft met goed zicht op het vaarwater en op de natuur tussen dijk en water.
Halverwege passeer ik het haventje van Nieuwendijk. Daar ligt de veerpont richting Tiengemeten op punt van vertrekken. De opvarenden worden luid en duidelijk op afstand hoorbaar geïnstrueerd over hun verblijf aldaar.
Je kunt ook op eigen kiel naar Tiengemeten. Daar is tegenwoordig een apart insteekhaventje voor waar het nu rustig is. Dat je er niet mag overnachten zal daar aan bijdragen.
Even verderop is de volgende jachthaven, de Put. In de verte zie ik al wat meer schepen op het Haringvliet de meeste watersporters blijven maar een beperkt aantal uren op het water is mijn ervaring en beginnen wat later op de ochtend.
Aan de westpunt van Tiengemeten aangekomen wordt de koers verlegt richting Middelharnis. Ik volg hier de flauwe bocht in de geul die je bij het westelijk deel van het Haringvliet brengt. Water met net iets ander karakter vanwege geulen en ondieptes waar je goed moet opletten om geen ton te missen van de (jacht)betonning. Vandaag is dat geen probleem.
De kalme wind geeft genoeg tijd om ook de ondermaatse tonnetjes van de jachtbetonning te verkennen. Dat is met meer wind waarbij er stevig doorgevaren wordt en waarbij je regelmatig overstag gaat een stuk ingewikkelder. Na elke overstag manoeuvre ziet de wereld er ander uit waardoor tonnen onverwacht dichterbij opduiken dan ingeschat. De schijnbaar grote aantrekkingskracht van tonnen op de boot zal veel van mijn medewatersporters bekend voorkomen.
Vandaag geen verrassingen vanachter de genua. Wel blijft het opletten op de sportvisbootjes die overal ronddrijven en waarvan de koers lastig te bepalen is.
Het wedstrijdveld dat ik eerder bij den Bommel signaleerde is opgeschoven naar Stad aan het Haringvliet. Ik zal op de terugweg nog een aantal deelnemers tegenkomen.
Vaak vormt Middelharnis bij minder wind, of wind uit en verkeerde richting het keerpunt van de tocht, maar vandaag gaat het tot nu boven verwachting en besluit ik nog maar even door te gaan.
Het volgende doel is Hellevoetsluis hiervoor moet ik nu hoger aan de wind varen. De noordelijke wind wordt hier minder stabiel qua richting en windsterkte, maar het zou moeten lukken zonder een extra slag te maken. Hoog aan de wind is voor mijn langkieler niet de ideale koers. De snelheid ligt dan ook lager, maar dat komt ook doordat de wind af en toe wegvalt. Het is nu ook drukker op het water.
Tussen Middelharnis en Stad aan het Haringvliet ervaar je dat de zee dichterbij is. Het zorgt voor een andere kleur van het licht en het blauw van de hemel. Dat de wolken, zoals wel vaker hier, grotendeels zijn opgelost draagt daar ook aan bij, net als het geluid van verschillende soorten meeuwen.
Zo rond één uur passeer ik de haveningang van Hellevoetsluis. Zo’n vijftig jaar geleden meerde ik hier voor het eerst af in de voorhaven, met destijds de polyvalk van de familie. Een pinksteruitje als ik me wel herinner. Samen met drie vrienden sliep we aan boord onder de dektent.
Het wordt duidelijk dat de eerder voorspelde toename van wind voor de middag er niet inzit. De wind draait naar westelijke richting en neemt wat af. Ik vaar met een boog om de Slijkplaat heen. Ik vaar vervolgens kort langs het havenhoofd van Middelharnis, een haven die door het lange havenkanaal tijd neemt om te bezoeken, maar wel veel horeca op loopafstand met meer keuze dan in Hellevoet.
De windrichting varieert steeds meer waardoor het zoeken is naar de beste stand voor de zeilen en soms vaar ik plotseling voor de wind, wat met weinig wind geen hoge vaarsnelheid oplevert.
Tussen Middelharnis en Stad aan het Haringvliet kom ik een restant van de zeilwedstrijd tegen.
Rond Stad aan het Haringvliet tuigen een aantal meeliggende schepen af. Stad aan het Haringvliet is wel een heel grote naam voor een betrekkelijk klein gehucht. Zelfs de frituur, waarvoor we ooit aanlegden met die zelfde polyvalk, is er niet meer. Maar wie lekker wil lopen over de de dijk of de polder in is snel het dorp uit.
De wind wordt nu echt wispelturig. De snelheid loopt verder terug. Daarmee komt het de eindtijd voor passeren van de Haringvlietbrug steeds verder naar achter te liggen. Ik redt het nog tot voorbij Tiengemeten, maar dan gaat onvermijdelijk de motor aan om de brugopening van 17.00 uur te halen. Toch meer dan 22 mijl gezeild vandaag op wat best een geslaagde herfstdag genoemd mag worden.
De plaatjes die ik onderweg geschoten ogen soms wat grauw. Dat hoort bij de tijd van het jaar net als het geluid van overvliegende trekkende ganzen. Het is het geluid uit mijn jeugd, toen ze in het najaar bezit namen van de polder naast ons huis en met veel lawaai opvlogen als ze werden opgeschrikt, of gewoon ‘s ochtends voor de ochtendvlucht naar de rivier.